Maak een schrijfplan!

Voordat je je boek gaat schrijven, kun je een schrijfplan maken. In zo’n schrijfplan beschrijf je de hoofdlijnen van je verhaal, scène voor scène. Voor bepaalde boeken is z’n plan zelfs onmisbaar. Soms moet je namelijk de lezer bepaalde subtiele aanwijzingen geven gaandeweg je verhaal. Dat kan alleen als je weet waar je verhaal naartoe gaat.

Leg je verhaal weg

Je hebt het verhaal in je hoofd. En voordat je begint met het maken van je schrijfplan, leg je jouw verhaal terzijde. Neem een paar dagen afstand zodat je met een fris hoofd kunt beginnen. Een veelvoorkomend probleem met het schrijven van een schrijfplan, is dat je zelf je verhaal door en door kent. Je loopt dan het risico dat je belangrijke zaken weglaat die de lezer juist nodig heeft. Gewoon schrijversblindheid van zaken waarvan je denkt dat de lezer het wel weet. Ze zijn zo vanzelfsprekend geworden. Voor jou...!

Vervolgens werk je scène voor scène en lees je na het afmaken van een bepaalde scène, altijd de volgende scène goed door in je schrijfplan. Zo heb je de voorgaande scène nog vers in je geheugen. En kun je aanpassingen en notities maken om te voorkomen dat je de volgende keer dat je verder schrijft, zaken vergeet.

Het komt wel eens voor dat de verhaallijn anders uitpakt dan je oorspronkelijk bedacht had. Door nieuwe ideeën en inzichten. Geen paniek! Over het algemeen pakken de nieuwe ideeën beter uit dan de oorspronkelijke verhalen.

Schrijfplannen maken en wijzigen

Zelden zal je schrijfplan tot op de letter nauwkeurig gevolgd worden. Aanpassingen zijn onvermijdelijk. Bereid je voor op meerdere versies van je schrijfplan. Een goede methode om dit te doen, is door een apart document naast je schrijfplan te maken waarin je veranderingen bijhoudt. Hierin kun je dan noteren welk effect de veranderingen hebben en in welke scène(s) er iets aangepast moet worden. Na het schrijven van honderd pagina’s verhaal is het soms lastig om bij te houden dat je op pagina veertig nog iets moet wijzigen…

Schrijf vooruit!

Neem elke keer nadat je een stuk hebt geschreven de tijd om na te denken over de volgende scène. Zo bereid je jezelf voor en kunnen je gedachten al aan het werk. Er een nachtje over slapen, als het ware. Als je dit consequent doet, zul je elke keer dat je weer gaat schrijven aan je boek, vol ideeën zitten.

Herschrijf later

Wanneer je scènes en zinnen herschikt, toevoegt of schrapt, of bezig bent met het opschonen van scènes, details toevoegt en kleine elementen aanpast, zoals het verbeteren van spelfouten, dan ben je al aan het herschrijven. Het herschrijven van je verhaal of scène kan veel tijd in beslag nemen en de focus van je verhaal verleggen naar de details. Herschrijf daarom niet tijdens het schrijfproces, want daarmee loop je de kans in een spiraal terecht te komen waardoor je niet meer vooruit komt. Ook wanneer je het schrijfplan verandert, zal de neiging groot zijn om gelijk ook scènes in het verhaal te herschrijven. Probeer dit te vermijden. Dit kun je doen door niet elke keer de geschreven scene te vergelijken met hele schrijfplan. Maar pas de volgende keer dat je weer gaat schrijven.

De puntjes op de i

Met een goed schrijfplan zul je merken dat het schrijven sneller en effectiever gaat. Je houdt de focus op je verhaal en kunt wijzigingen efficiënter doorvoeren. Uiteindelijk krijg je daardoor een logischer en beter verhaal en een boek om trots op te zijn.

In categorie: Blog